Het leven van een Blankofficier
Piet Bolwerk was in Suriname in de jaren zestig vaak in programma’s te beluisteren op de radio en te zien op TV. In zijn televisie programma liet hij de kijkers kennis maken met het belang van archeologie en etnografie. Voor de kijker bracht het programma het besef dat zij onderdeel zijn van een historie die zij delen met de verre voorgangers van hun woongebied. Suriname is immers ook een land waar een veelheid van verschillende bevolkingsgroepen met elkaar samen wonen en leven. Vanuit het aspect van multiculturalisme hield Piet Bolwerk zich altijd bezig met het vraagstuk: Hoe vormen wij één gemeenschap waar mensen zich verbonden met elkaar voelen door gedeelde kenmerken (één natie). Piet Bolwerk was van mening dat het verhaal nooit compleet zou zijn als het verhaal van de marrons en de inheemsen daar niet een integraal onderdeel van is.
De programma’s werden uitgezonden door de nationale televisie zender van Suriname (de STVS) en werden goed bekeken, zijn praatjes over deze onderwerpen werden zeer gewaardeerd. Vanuit een decor waar Piet in een tentopening op een klapstoel zit, die op een boden van zand staat, richtte hij zich tot de kijkers in de huiskamers. In één van de uitzendingen besprak hij het boek “De toover-lantaarn van Mr. Furet” (De Blankofficier). Dit boek is in 1840 verschenen en bevat 18 satirische tekeningen met beschrijvingen van het leven van een plantage-opzichter, de Blankofficier Péon Charles Prêt. In Suriname zijn ongeveer vierhonderdduizend mensen tot slaaf gemaakt. Ze werden gebrandmerkt met de initialen van de eigenaar. Vaak woonde de eigenaar niet op de plantage, deze was uitbesteed aan een directeur die de algehele leiding had over de plantage. Deze directeur werd geassisteerd door de Blankofficier. Het boek van ‘De Blankofficier’ geeft de belichting van slaven opzichters die Suriname hebben bezocht in de negentiende eeuw. Een zwarte bladzijde in de geschiedenis van Suriname.
De teksten zoals deze destijds door Piet Bolwerk zijn uitgedragen op de televisie zijn bewaard gebleven en hier leesbaar. De zichtbare foto’s, afkomstig van A4 negatieven, komen uit zijn persoonlijk archief.